“Om de waarde te bepalen moet men de inhoud kennen”



Chinese ondernemers keren traditioneel restaurant rug toe

AMSTERDAM – Jonge Chinese horecaondernemers keren het traditionele Chinese restaurant, dat kampt onder een verslechterend imago en een schreeuwend tekort aan goede koks, de rug toe. Een nieuwe, vaak derde, generatie Chinese ondernemers zoekt verbreding in andere oosterse restaurantconcepten, snackbars en hotels. En met succes. Hard werken en een scherp zakelijk instinct zijn niet de enige ingrediënten in hun recept. Ook de eigen manier van financieren geeft ze een streepje voor op de concurrentie.

Het zijn met name Chinese ondernemers van de tweede en derde generatie die het werkterrein waarop ze actief zijn de laatste jaren in rap tempo verbreden. Veel jonge, goedopgeleide Chinezen keren het traditionele Chinese restaurant van hun ouders de rug toe en hebben zich toegelegd op andere, hippere concepten, zoals wokrestaurants, Japanse en Thaise specialiteitenrestaurants en all-you-caneat zaken waar gasten zich tegoed kunnen doen aan sushi en tepan-yaki. Er zijn inmiddels diverse door Chinezen geleide ketens die volgens horecamakelaar Lukas Arends van AW Horecamakelaars „elkaar de tent uitvechten”.

Snackbars

Maar ook buiten de oosterse keuken roert de nieuwe generatie Chinese ondernemers zich steeds nadrukkelijker. Zo wordt van de circa 5000 snackbars in Nederland inmiddels meer dan een vijfde gerund door Chinese ondernemers. „Snackbars zijn populair omdat er relatief weinig investeringen nodig zijn, het werk betrekkelijk eenvoudig is en als je het goed aanpakt, is er een goede boterham mee te verdienen”, zegt Jos van Alphen, sectorvoorzitter Fastfood bij Koninklijke Horeca Nederland.

Dat is ook de ervaring van horecamakelaar Arends. „Als een snackbar wordt overgenomen door een Chinese familie, dan zie je dat ze doordat ze enorm hard werken al snel twee man personeel minder nodig hebben. Bij Nederlandse ondernemers zie je bovendien dat ze na een paar succesvolle jaren zich terugtrekken en het runnen van de zaak overlaten aan personeel. Chinese ondernemers doen dat niet. Die gaan zelf door en bouwen het succes verder uit.”

Hotellerie

Bovendien komt Arends Chinese ondernemers ook steeds vaker tegen in de hotellerie. In Amsterdam is volgens ingewijden inmiddels een vijfde van de hotels in handen van Chinese groepen. „Een hotel vereist een veel grotere investering, maar er is ook meer mee te verdienen en het is minder hard aanpoten dan in een restaurant. Dat vinden ze ook prettig”, zegt Arends.

In veel gevallen gaat het om kleinere zelfstandige hotels die door een familie worden overgenomen, maar er zijn inmiddels ook diverse groepen die kleine ketens bestieren. Een daarvan, de Shi-group, runt er inmiddels zes, waaronder drie Best Western-hotels en een Tulip Inn met in totaal zo’n 900 kamers.

Financiering

Volgens Arends is de opmars van de Chinezen in de horeca niet alleen een kwestie van zakeninstinct en werklust maar ook van financiering. „Ze kunnen vaak sneller schakelen dan bijvoorbeeld Nederlanders, Egyptenaren en Turken. Een probleem waar veel ondernemers de laatste tijd tegen aan lopen, is dat banken nauwelijks horeca willen financieren. De Chinese ondernemers maken vaak gebruik van andere vormen van financiering, via hun familienetwerk. Hun cultuur verplicht ze elkaar daarin te helpen.”

Arends merkt dat vooral bij de verhuur van zaken met een grote oppervlakte. Andere ondernemers lukt het tegenwoordig niet meer daarvoor de financiering rond te krijgen. Chinezen krijgen het volgens hem wel voor elkaar.

Bron: Telegraaf.nl

Horecamakelaars in heel Nederland

Berjan van de Weerd


Bekijk profiel

Koert van de Weerd


Bekijk profiel

Blijf op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief